Mondiaal denken


Wat betekent 'mondiaal denken'?

Meer dan 10 jaar lees ik, denk ik na en doceer ik over de wereld en over de toekomst. Duizend en meer studenten trachtte ik bij te brengen wat klimaatsverandering, neoliberalisme (een economie die enkel focust op winst en vrije markt) en slinkende grondstoffenvoorraden betekenen voor het dagdagelijks leven van anderen (elders) en betekenen voor ons later.
Mondiaal denken, solidair en verdraagzaam

Dat inzicht in elders en later doorgeven op een eenvoudige én correcte manier is altijd heel moeilijk geweest voor mij. Er zijn zoveel cijfers, trends en wetmatigheden in mondiale systemen. Daarom kan ik onmogelijk op één webpagina neerschrijven wat 'mondiaal denken' voor mij betekent. Er zijn geen simpele recepten of vuistregels. Wat vandaag waar is, kan morgen helemaal achterhaald zijn. Toch doe ik hieronder een bescheiden poging om aandacht te geven aan enkele aspecten van 'mondiaal denken'.


Een andere wereld is nodig

Alles wat we doen, heeft gevolgen voor elders en later. Omgekeerd ook: dingen die elders gebeuren of gebeurden, hebben invloed op ons. Dit is systeemdenken. In die systemen zie ik onwaarschijnlijke trends en cijfers die duidelijk maken dat een andere, een betere wereld nodig is.
Een menselijk minimum en een ecologisch maximum

Het klimaatsysteem, het energiesysteem en het voedselsysteem veranderen razendsnel. We kunnen dit zien en de zaken bewust anders aanpakken of we kunnen doen alsof de wereld te groot en de toekomst te ver weg is. In dat geval zullen klimaatchaos, migratie of grondstoffentekorten ons verandering opdringen. Er zijn veel mensen die dat 'brede plaatje' zien. Sommige zijn pessimistisch. Anderen zijn optimistisch. Vaak maakt dat geen verschil. Zowel optimistisch als pessimistisch kijken naar de wereld en de toekomst leiden vaak tot niets doen achter een masker van betrokkenheid op anderen en op de wereld. Een optimist hoeft niets te doen, want het komt goed. Een pessimist hoeft ook niets te doen, want het is toch verloren.
Zowel goede als slechte voorspellingen over de wereld of over de toekomst zeggen niets over wat mogelijk is als we ons volledig menselijk potentieel benutten. Laten we onze visie, passie en creativiteit gebruiken om ermee aan de slag te gaan. Actief. Geen optimisme. Geen pessimisme. Wél activisme


Voorzien in eigen behoeften

Toen mijn vader vlak na de oorlog werd geboren, waren er 2,5 miljard mensen. Bij zijn overlijden waren we met 7 miljard. Al deze mensen hebben eten, zuiver water, energie, ruimte en zoveel meer nodig om een gelukkig leven te leiden. Ook al groeide de landbouwproductie de laatste decennia sterk, toch zijn de voedsel- en energieprijzen sinds 2002 bijna verviervoudigd. Deze prijzen blijven stijgen en de wereldbevolking blijft toenemen. Elke 12 jaar komen er één miljard mensen bij, meer verstedelijking en minder open ruimte.

Politici kunnen geen beleid voeren alsof de rest van de wereld niet bestaat. Ik pleit ervoor om meer in eigen behoeften te voorzien en strategisch in te zetten op lokale energie- en voedselproductie.Laten we nagaan hoe we energie voor bijvoorbeeld een verkaveling zelf kunnen opwekken. Zo baat Merksplas (Noorderkempen) een biocentrale uit met een eigen energiebedrijf dat 95% van de inwoners voorziet van betaalbare, verzekerde én groene stroom. Zeker nu de kerncentrales worden gesloten krijgen we de kans om door eigen energieproductie onafhankelijk te worden van de grillen van de internationale energiemarkt.


In Kontich is Grondsmaak, een CSA-bedrijf, actief. Elke gemeente zou dit soort innovatief ondernemerschap actief moeten steunen door bijvoorbeeld grond te verpachten of burgers aan te moedigen te participeren in deze strategische vormen van lokale economie.



Brandstof voor de toekomst

Olie is cruciaal voor cosmetica, plastic, meststoffen, mobiliteit en zoveel zaken die we als vanzelfsprekend beschouwen. Die olie raakt op en wordt smeriger (meer info: Canadese teergronden). Heel wat metalen en materialen worden zeldzaam. Dit bemoeilijkt de omschakeling naar batterijen, windmolens en elektrisch vervoer. Voor steeds meer grondstoffen worden we geconfronteerd met eindigheid.  Zelfs wanneer we er in slagen om fossiele brandstoffen en zeldzame grondstoffen te vervangen door stoffen die makkelijker en meer voorhanden zijn, zullen we geconfronteerd worden met schaarste, meer milieu-impact en hoge prijzen. Die hogere prijzen zijn we eigenlijk ook verschuldigd aan de plaatselijke bevolking die lijdt onder mijnbouw en geen faire prijs krijgen voor hun grondstoffen.

Laten we antwoorden zoeken voor de uitdagingen van morgen. Cijfers zeggen ons hoe schaars olie en andere grondstoffen zullen zijn in 2030. Een groene economie gaat niet over subsidies aan rijken om een elektrische wagen te kopen. Neen, groene economie is er in de eerste plaats om mensen een deftige en duurzame job te geven. Tegelijk beseffen we dat groene economie eigenlijk een mythe is. Omdat groei steeds samenhangt met vervuiling en materialen die op raken. Milieuverbeteringen en efficiëntiewinsten worden te niet gedaan door economische groei. Enkel immaterieel groeien is onmogelijk. Vandaar mijn inzicht dat onze economie 'ontgroeien' noodzakelijk is voor een sociaal rechtvaardige en een ecologisch duurzame toekomst.


Daarom pleit ik voor een sterke lokale 'huishouding' die mensen voorziet van werk in hun buurt. Zo zijn we niet afhankelijk van bedrijven verplaatsen als pionnen in een schaakspel. Een gemeente kan dit doen door buurt- en nabijheidsdiensten uit te bouwen. We kunnen ervoor kiezen om naast een hergebruikeconomie (zoals kringwinkels) ook een hersteleconomie en samengebruik-economie uit te bouwen.  Sommige gemeentes in het Verenigd Koninkrijk hebben een eigen geldsysteem en bleken door hun lokale munt minder kwetsbaar voor de financiële crisis.



Werken aan een positief klimaat

De ecologische crisis is veel meer dan ‘het wordt heet op onze planeet’. Verzuring van de oceanen, verlies van biodiversiteit en schade aan ecosystemen maakten ons nog nooit zo kwetsbaar als mens. Ecologie is niet ‘we moeten onze planeet redden’. Ecologie is de kern van ons mens-zijn redden en dat is de uitdaging waarvoor we staan. Onze levensstijl ondergraaft de fundamenten van ons bestaan. Dus is de uitdaging onze samenleving structureel anders in te richten en tegelijk de kern van ons mens zijn en dat wat ons kwaliteit van leven geeft en gelukkig maakt, behouden. Dit kan als we echt leiderschap tonen en drie generaties vooruit denken.

De ecologische crisis confronteert ons met het besef dat onze welvaart, onze economische ontwikkeling, eindig is. Dit hoeft ons welzijn echter niet te bedreigen. Onze menselijke en sociale ontwikkeling is oneindig. Samen leren en samen werken aan dingen die ons verbinden met elkaar zal het klimaat scheppen om dat wat ons echt dierbaar is door te geven aan onze kinderen.


Klinkt wat filosofisch. Toch is dat voor mij de essentie van wat we moeten doen: koesteren wat we hebben opgebouwd aan verenigingsleven, aan onroerend en roerend erfgoed, aan kennis en verbondenheid. Een beleid dat onze scholen steunt. Een beleid dicht bij de mensen dat echte inspraak verleent en betrokkenheid verhoogt. Bouwen aan een omgeving die mensen kansen geeft, stimuleert tot ontwikkeling, ruimtes en een forum biedt om met hun passies bezig te zijn. Mensen oproepen verantwoordelijkheid te nemen en een inspanning te doen voor hun samenleving. Want de samenleving, dat ben jij en ik, dus wij samen. Verantwoordelijkheid nemen over het welzijn van anderen en het geluk van toekomstige generaties betekent loslaten van zaken waaraan we gehecht zijn. 



Geld, ik heb er genoeg van

400 miljard euro. Zo hoog bedraagt momenteel onze overheidsschuld. Deze verplichting tot betalen wordt gedragen door alle Belgen samen. Elke Belg heeft dus een ‘rugzak’ van meer dan 37.000 € schuld. Op zich lijkt dat niet zoveel. Kinderen, jongeren, gepensioneerden, langdurig werklozen en mensen in arbeidszorg niet actief bijdragen tot de terugbetaling van deze schuld. Onze actieve bevolking bestaat uit 4,5 miljoen mensen. Dus bedraagt deze staatsschuld zo’n 85.500€ per werkende Belg. Dit betekent dat een klassiek tweeverdieners gezin een ‘rugzak’ federale overheidsschuld van 171.000€ draagt. En dan tellen we  de schulden van de Europese, de Vlaamse overheid en de gemeenten nog niet mee.

Een overheid die kreunt onder schulden schuift bevoegdheden door naar een lager niveau of stopt met ze op te nemen. Door profileringsdrang zijn politici geneigd meer te spenderen aan prestigeprojecten dan aan basisvoorzieningen en grondrechten. De vraag bij beleid is vooral: "Aan wie komen deze bestedingen ten goede?" Ondanks de crisis hebben we middelen om een rechtvaardig en écht sociaal beleid te voeren. Politieke wil ontbreekt. Hoewel veel rechtse partijen zich sociaal noemen, zetten slechts weinigen zich echt in voor fundamentele herverdeling. Laten we hoopvol zijn. De DuurzameOntwikkelingsDoelen van de Verenigde Naties willen een basis sociale bescherming beogen van elke wereldbewoner (bv. door een wereldgezondheidszorg) én tegelijk ook huiswerk geven aan de rijke(n) en de ontwikkelde landen om hun bijdrage te leveren aan een betere wereld.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten